De geschiedenis van handheld consoles
Van eenvoudige spelletjes tot complete gamewerelden
Handheld consoles maakten het mogelijk om videogames overal mee naartoe te nemen. Waar spelers vroeger vooral thuis achter een televisie of computer speelden, konden ze met een handheld ineens onderweg, op vakantie of gewoon op de bank gamen.

De techniek achter deze draagbare spelcomputers ontwikkelde zich in de loop van de jaren sterk. Van eenvoudige apparaten met een klein scherm en een vast spel groeide de handheld uit tot een volwaardige spelcomputer met verwisselbare games, kleurenschermen, draadloze verbindingen en uiteindelijk zelfs uitgebreide 3D-werelden.
De eerste draagbare spelcomputers
Het idee van een draagbare spelcomputer ontstond al voordat handhelds echt populair werden.
Een van de vroege voorbeelden was de Microvision, die in 1979 verscheen. Dit systeem had een verwisselbare cartridge en een klein ingebouwd scherm. De mogelijkheden waren nog zeer beperkt, maar het concept was belangrijk: een spelcomputer hoefde niet langer aan een televisie vast te zitten.
De eerste draagbare systemen waren vooral bedoeld voor korte speelmomenten. Een ingewikkelde gamewereld was technisch nog nauwelijks mogelijk.
Nintendo Game & Watch
In 1980 bracht Nintendo de Game & Watch uit.
Deze kleine apparaten hadden meestal één ingebouwd spel. Het scherm gebruikte vaste grafische elementen en was daardoor heel anders dan de latere pixelgraphics van handhelds zoals de Game Boy.
Toch werden Game & Watch-systemen populair. Ze waren klein, eenvoudig te bedienen en konden gemakkelijk worden meegenomen.
Voor veel spelers waren ze een eerste kennismaking met videogames die niet aan een televisie waren gekoppeld.
De Game Boy verandert alles
In 1989 verscheen de Nintendo Game Boy.
De Game Boy was niet de eerste handheld, maar wist het concept veel groter te maken. Het systeem combineerde een relatief eenvoudig ontwerp met verwisselbare cartridges, waardoor spelers meerdere games konden verzamelen.
Het scherm werkte met grijstinten in plaats van kleur. Tegenwoordig lijkt dat misschien een beperking, maar voor die tijd was de combinatie van draagbaarheid en verwisselbare games bijzonder aantrekkelijk.
De Game Boy werd daardoor een van de bekendste handheld consoles uit de geschiedenis.
Tetris als belangrijke troef
Een belangrijke reden voor het succes van de Game Boy was Tetris.
Het spel was eenvoudig te begrijpen, maar moeilijk om echt goed te beheersen. Daardoor was het geschikt voor korte speelsessies en kon het gemakkelijk opnieuw worden gespeeld.
Tetris liet bovendien goed zien waarom een handheld zo interessant was. Een speler hoefde geen groot scherm of uitgebreide installatie te hebben om plezier te beleven aan een game.
Draagbare games werden steeds groter
Na het succes van de Game Boy verschenen steeds meer handhelds.
Fabrikanten probeerden elkaar te onderscheiden met betere schermen, krachtigere hardware en uitgebreidere games.
Systemen zoals de Atari Lynx en Sega Game Gear boden bijvoorbeeld kleurenschermen. Daarmee konden handheld games er kleurrijker uitzien dan op de oorspronkelijke Game Boy.
Het nadeel was vaak dat krachtigere hardware meer energie gebruikte. Batterijen waren in die tijd een belangrijk onderdeel van de ervaring.
De Sega Game Gear
De Sega Game Gear, die in 1990 verscheen, was een van de bekendste concurrenten van Nintendo.
De Game Gear had een kleurenscherm en kon daardoor aantrekkelijkere beelden laten zien. Games konden hierdoor meer lijken op de kleurrijke spellen die spelers van thuisconsoles gewend waren.
Toch wist de Game Boy zijn sterke positie te behouden. Het lagere energieverbruik, de enorme gamebibliotheek en de sterke positie van Nintendo maakten het moeilijk voor concurrenten om de markt over te nemen.
Handhelds kregen hun eigen identiteit
Handheld consoles hoefden uiteindelijk niet simpelweg kleinere versies van thuisconsoles te worden.

Ontwikkelaars ontdekten dat draagbare games hun eigen manier van spelen konden hebben.
Korte levels, eenvoudige besturing en games die gemakkelijk opnieuw konden worden gestart waren bijvoorbeeld erg geschikt voor onderweg.
Daardoor ontstond een eigen handheldcultuur met games die speciaal rekening hielden met het kleinere scherm en de draagbaarheid.
De Game Boy Color
In 1998 verscheen de Game Boy Color.
Zoals de naam al aangeeft, bracht deze versie kleur naar de Game Boy-familie. Games konden hierdoor veel kleurrijker worden weergegeven en ontwikkelaars kregen meer mogelijkheden voor graphics en animaties.
Tegelijkertijd bleef het basisidee hetzelfde: een kleine spelcomputer met verwisselbare cartridges die gemakkelijk mee te nemen was.
De Game Boy Advance
In 2001 verscheen de Game Boy Advance.
Deze handheld was aanzienlijk krachtiger dan de oorspronkelijke Game Boy en kon veel uitgebreidere 2D-games weergeven.
De Game Boy Advance werd bovendien een belangrijke plek voor klassieke Nintendo-series. Oude ideeën konden opnieuw worden gebruikt, terwijl nieuwe games gebruikmaakten van de verbeterde hardware.
Hiermee liet Nintendo zien dat 2D-games ook in een tijd van steeds krachtigere 3D-consoles relevant konden blijven.
De Nintendo DS
In 2004 kwam Nintendo met een heel ander idee: de Nintendo DS.
De DS had twee schermen, waarvan het onderste scherm als touchscreen kon worden gebruikt. Hierdoor konden games op een nieuwe manier worden bestuurd.
Het touchscreen werd niet alleen gebruikt als extra knop. Ontwikkelaars konden ermee tekenen, aanwijzen, schrijven en andere vormen van interactie toevoegen.
De DS maakte daarmee duidelijk dat innovatie bij handhelds niet alleen draaide om betere graphics.
De PSP brengt consolekwaliteit onderweg
Sony koos met de PlayStation Portable, beter bekend als PSP, voor een andere aanpak.
De PSP verscheen in 2004 en richtte zich sterk op krachtige graphics en een ervaring die dichter bij een traditionele spelcomputer lag.
Het brede scherm en de relatief krachtige hardware maakten het mogelijk om uitgebreide 3D-games onderweg te spelen.
Hierdoor ontstond opnieuw een verschil tussen twee benaderingen: Nintendo richtte zich sterk op nieuwe manieren van spelen, terwijl Sony vooral wilde laten zien hoeveel console-achtige ervaring in een handheld mogelijk was.
Draadloos spelen
Handhelds werden ook steeds socialer.
Waar oudere systemen vooral bedoeld waren om alleen te spelen, kregen nieuwere apparaten mogelijkheden om draadloos verbinding te maken met andere systemen.
Spelers konden daardoor tegen elkaar spelen, gegevens uitwisselen of samen een game beleven.
De handheld werd zo niet alleen een apparaat om onderweg alleen te gamen, maar ook een manier om met andere spelers in contact te komen.
De Nintendo 3DS
In 2011 verscheen de Nintendo 3DS.
Deze handheld bouwde voort op het idee van de DS, maar voegde stereoscopische 3D-beelden toe zonder dat daarvoor een speciale bril nodig was.
Daarnaast was de hardware krachtig genoeg om uitgebreidere 3D-werelden te tonen.
De 3DS liet zien hoe ver draagbare spelcomputers inmiddels waren gekomen. Wat ooit begon met eenvoudige schermen en vaste spelbeelden was veranderd in een klein systeem waarop complete gamewerelden konden worden weergegeven.
De PlayStation Vita
Sony bracht in 2011 ook de PlayStation Vita uit.
De Vita beschikte over een groot scherm, krachtige hardware, twee analoge sticks en verschillende moderne besturingsmogelijkheden.
Het systeem was technisch indrukwekkend en kon grafisch veel meer dan oudere handhelds.
Toch veranderde de markt ondertussen snel. Smartphones en tablets werden steeds populairder en boden eenvoudige games zonder dat spelers daarvoor een aparte handheld hoefden te kopen.
Smartphones veranderen de markt
De opkomst van smartphones had grote gevolgen voor handheld gaming.
Iedereen die een smartphone bezat, had in principe al een apparaat waarop games konden worden gespeeld.
Touchscreens maakten eenvoudige bediening mogelijk en digitale winkels zorgden ervoor dat nieuwe games direct konden worden gedownload.
Voor traditionele handheld consoles betekende dit dat ze zich duidelijker moesten onderscheiden.
Van handheld naar hybride
Een belangrijke nieuwe stap kwam met de Nintendo Switch in 2017.
De Switch combineerde een draagbare spelcomputer met een systeem dat ook op een televisie kon worden aangesloten.
Hierdoor hoefde een speler niet meer te kiezen tussen thuis spelen en onderweg spelen. Hetzelfde systeem kon in verschillende situaties worden gebruikt.
Dit idee bracht de werelden van handhelds en thuisconsoles steeds dichter bij elkaar.
Krachtige handhelds
De laatste jaren zijn er ook steeds krachtigere draagbare systemen verschenen.
Apparaten zoals de Steam Deck laten zien dat moderne handhelds in staat zijn om grote games met uitgebreide 3D-werelden te draaien.
Het verschil met een traditionele handheld is daardoor enorm geworden. Waar een Game Boy vooral ontworpen was voor eenvoudige 2D-games, kan moderne draagbare hardware games uitvoeren die ooit alleen op krachtige computers of consoles mogelijk waren.
Klein scherm, grote ontwikkeling
De geschiedenis van handheld consoles laat vooral zien hoe snel technologie kan veranderen.
De eerste systemen hadden eenvoudige schermen en vaak maar één spel. Daarna kwamen verwisselbare cartridges, kleurenschermen, krachtigere processors, touchscreens, draadloze verbindingen en uitgebreide 3D-graphics.
Toch bleef één idee hetzelfde: een game meenemen en spelen waar je maar wilt.
Handheld gaming vandaag
Handheld gaming is inmiddels geen kleine niche meer.
Moderne systemen combineren de draagbaarheid van een handheld met hardware die steeds dichter bij traditionele consoles en computers komt.
Tegelijkertijd blijven oudere handhelds populair onder verzamelaars en retro gamers. De Game Boy, Game Gear, Game Boy Advance en andere klassieke systemen worden nog steeds herinnerd vanwege hun herkenbare vormgeving en hun eigen manier van spelen.
Waarom handhelds zo bijzonder werden
Handheld consoles veranderden de manier waarop mensen videogames konden beleven.
Een spel hoefde niet meer gekoppeld te zijn aan een televisie in de woonkamer. Een kleine cartridge, een scherm en een paar knoppen waren genoeg om een complete game mee te nemen.
Juist die vrijheid maakte handheld gaming bijzonder.
Van eenvoudige pixels op een klein scherm tot moderne 3D-werelden: de handheld heeft in enkele decennia een enorme ontwikkeling doorgemaakt.
Tot slot
De geschiedenis van handheld consoles begon met eenvoudige draagbare spelletjes en groeide uit tot een belangrijk onderdeel van de videogamewereld.
De Game & Watch liet zien dat videogames draagbaar konden worden, de Game Boy maakte het concept wereldwijd populair en systemen als de Nintendo DS, PSP en 3DS brachten nieuwe vormen van spelen en krachtigere graphics.
Met moderne hybride en krachtige handhelds is de grens tussen een draagbare spelcomputer en een volwaardige console steeds kleiner geworden.
Van een eenvoudig spelletje in je hand tot complete werelden onderweg: handheld gaming heeft laten zien dat een grote game-ervaring niet altijd een grote televisie nodig heeft.
